Welkom op de site

CDA Veenendaal


Woensdag 7 maart 2012
Speciale ledenvergadering

m.m.v. Jacobine Geel

Inloop 19.30 uur
Cultuurfabriek, Kees Stipplein

Nieuws‎ > ‎

Archief


Tweede Kamerlid Mirjam Sterk bezoekt IW4

Geplaatst 1 feb. 2012 05:08 door CDA Veenendaal

Mirjam Sterk (CDA), op werkbezoek bij het leerwerkbedrijf IW4 in Veenendaal, is enthousiast over de wijze waarop IW4 de ontwikkeling van haar medewerkers stimuleert. Ook constateert ze dat het bedrijf zich samen met de gemeenten Rhenen, Renswoude, Utrechtse Heuvelrug en Veenendaal goed voorbereidt op de nieuwe wet Werken naar vermogen. Daarbij deelt ze wel enkele zorgen van de algemeen directeur René van Holsteijn, zoals de beperkte financiële middelen die voor de uitvoering van de nieuwe wet beschikbaar komen.

Het Tweede Kamerlid Mirjam Sterk besprak uitvoerig de ontwikkelingen rondom de wet Werken naar vermogen met algemeen directeur René van Holsteijn, Frank Bongers en Didi Dorrestijn, CDA-wethouders van Rhenen en Renswoude en Marieke Overduin, fractievoorzitter van het CDA in Veenendaal. Mirjam Sterk: “De nieuwe wet moet het mogelijk maken veel meer mensen dan nu weer een goede plek op de arbeidsmarkt te geven. Ik onderken dat de financiële randvoorwaarden daarbij belemmerend kunnen werken.” Daarnaast staan in deze moeilijke economische tijd ook niet alle werkgevers te springen om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt een baan aan te bieden.

IW4 besteedt veel aandacht aan de ontwikkeling van werknemersvaardigheden. Daardoor zijn mensen uit de sociale werkvoorziening en de bijstand gemakkelijker te plaatsen bij andere werkgevers. Mirjam Sterk: “Dat is de beste manier om de kansen van deze mensen op de arbeidsmarkt te vergroten. Ik vind het belangrijk dat dit dan ook door detachering mogelijk moet zijn.”
Zij waardeerde dat de gemeenten en IW4 in nauwe samenwerking de invoering van de nieuwe wet voorbereiden en de mogelijkheden van IW4 daarbij optimaal willen inzetten. “IW4 heeft veel ervaring en samen met de gemeenten kunnen zij van deze nieuwe wet een succes maken.”

Bron: persbericht IW4 d.d. 31 januari 2012.

Jacobine Geel op speciale ledenvergadering

Geplaatst 28 jan. 2012 06:56 door CDA Veenendaal   [ 28 jan. 2012 06:59 bijgewerkt ]

Ron Rijnbende | Op woensdag 7 maart organiseert het CDA Veenendaal een speciale ledenvergadering waar o.a. Jacobine Geel een bijdrage zal leveren. Centraal staan de rapporten die op het congres van 21 januari zijn gepresenteerd. Onder leiding van de nieuwe voorzitter is de afgelopen maanden gewerkt aan een nieuwe koersbepaling voor de langere termijn. Dat heeft geleid tot een drietal documenten. Nieuwe woorden, nieuwe beelden van de commissie onder leiding van Jacobine Geel, Kiezen en verbinden van het Strategisch Beraad onder leiding van Aart-Jan de Geus en een notitie over de vernieuwing van de partij-organisatie.

Alle leden en oud-leden zijn voor deze bijeenkomst van harte uitgenodigd om over de inhoud van deze rapporten een mening te geven. Belangstellenden die geen lid zijn kunnen zich aanmelden voor deze bijeenkomst via cda.vdaal@gmail.com Als bestuur zijn we op dit moment druk bezig met de voorbereidingen en hopen we voor de drie onderwerpen aansprekende inleiders uit te nodigen. Inmiddels heeft Jacobine Geel haar medewerking toegezegd. Zie ook de Laatste nieuwsbrief

Download de rapporten door op de afbeelding te klikken:



Ontmoetingshuis Veenendaal-Oost

Geplaatst 19 dec. 2011 02:17 door CDA Veenendaal

CDA-fractie neemt initiatief tot indienen amendement Ontmoetingshuis Veenendaal-oost.


Voor de raadsvergadering van 15 december 2011 stond de ‘Kredietaanvraag Ontmoetingshuis’ op de agenda. De raad werd gevraagd in te stemmen met een Voorlopig Ontwerp, een krediet van € 19.870.000 beschikbaar te stellen voor realisatie, een deelsubsidie van € 370.000 (van de provincie) aan te wenden ter dekking van de investering, in te stemmen met een annuïtaire afschrijvingsmethode en het college de opdracht te geven het exploitatiemodel en de gevolgen voor de gemeente nader uit te werken. De aanloop naar dit raadsvoorstel kent een lange geschiedenis. Op 15 december 2005 heeft de raad ingestemd met het ontwerp Nieuw Wonen Veenendaal-oost. Het ontmoetingshuis is hier een onderdeel van. Er heeft daarna een herijking van het nieuwe wonen plaats gevonden in 2010.

Op basis van deze herijking was er een keuze voor twee modellen voor het Ontmoetingshuis. De raad heeft op 15 december 2010 unaniem gekozen voor het ambitiemodel en het college de opdracht gegeven dit model uit te werken tot een voorlopig ontwerp. Na de presentatie en instemming door de raad van het voorlopig ontwerp zou de raad ultimo 2011 beslissen via een GO of NO GO. Met het oog op de eventuele inboeking van de bezuinigingen heeft het CDA samen met de PvdA een amendement ingediend om een reserve extra kapitaallasten van € 298.258 als gevolg van de keuze voor het ambitiemodel te dekken en hiervoor een bedrag van 4.200.000 te onttrekken aan de Algemene Reserve. Helaas is dit amendement toen verworpen. Een amendement met dezelfde strekking is bij de behandeling van de Kadernota ook verworpen. Tijdens de raadsvergadering heeft de wethouder toegezegd voor de zomer van 2011 te komen met een voorlopig ontwerp, hieraan heeft hij niet voldaan.

Het voorlopig ontwerp, met een kredietaanvraag, werd gepresenteerd op 15 december, een half jaar later! Het leek er op dat de raad nu al een GO of NO GO- beslissing moest nemen. Dit had wel gekund als we eerder, zoals toegezegd, over een voorlopig ontwerp hadden kunnen beslissen. Nu werden we geconfronteerd met een niet beslissingsrijp voorstel. Het CDA kan alleen instemmen met grote uitgaven wanneer de risico’s daarvan goed beschreven en verantwoord zijn. Onze conclusie was dat het voorstel te veel open einden heeft en dat wij op deze basis geen krediet beschikbaar konden stellen. Er moet eerst meer duidelijkheid komen met betrekking tot de exploitatie en de risico’s van de gemeente. Het Ontmoetingshuis ligt ons zeer na aan het hart willen we toch kijken of er een mogelijkheid bestaat tot realisatie hiervan.

Tijdens de behandeling van dit voorstel in de commissie heeft de CDA-fractie het voorstel gedaan te komen met een amendement. Bijna de hele commissie steunde dit initiatief! In het amendement werd voorgesteld: 1. Een voorbereidingskrediet van € 400.00 beschikbaar te stellen voor het opstellen van het Definitief ontwerp, het bestek en de uitgewerkte exploitatie van het Ontmoetingshuis. 2. Het college de opdracht te geven het exploitatiemodel en de gevolgen voor de gemeente nader uit te werken waarbij de risico’s voor de gemeente zoals verwoord in de businesscase beheerst moeten worden 3. De kredietaanvraag voor het Ontmoetingshuis opnieuw ter besluitvorming aan de gemeenteraad op uiterlijk 24 mei 2012. Bij de behandeling in de raad is dit amendement ingediend en raadsbreed aangenomen! Een succes voor onze fractie.

Groen kost geen geld, groen is veel geld waard!

Geplaatst 11 dec. 2011 08:37 door CDA Veenendaal

Het CDA Veenendaal bezocht vrijdag 9 december de Koninklijke Ginkel Groep in Veenendaal.

We werden hartelijk ontvangen door Wim van Ginkel, directeur/eigenaar en Bert Masselink, hoofd algemene zaken. Bert gaf een korte inleiding over de bedrijfsgeschiedenis vanaf de bloemenzaak uit 1903 tot de Ginkelgroep anno nu met vestigingen in Veenendaal, Delft, Deventer, Leiderdorp en Zeist met ca. 200 medewerkers waarvan 100 in Veenendaal. Het bedrijf kent vele werkterreinen w.o. aanleg groen particulier / gemeenten, boomverzorging, natuurontwikkelingsprojecten, daktuinen en (nieuw) groene gevels. De centrale bedrijfsfilosofie is: ”Veelkleurige kwaliteit in omgevingszorg en duurzaam vergroenen”.
Er is dus behalve de kleur groen een correlatie tussen de bedrijfsfilosofie van de Koninklijke Ginkel Groep en de CDA uitgangspunten over rentmeesterschap, zorg voor elkaar en duurzaamheid .

Groen kost geen geld, groen is veel geld waard, zo geeft Van Ginkel aan. Groen geeft mensen rust, groen zuivert de lucht van fijnstof en levert de onontbeerlijke zuurstof, bevordert de leefbaarheid. De politiek moet meer op die manier naar groen kijken en zoeken naar goede vormen van beheer en onderhoud in plaats van steeds het accent op de kostenpost te leggen.
Ook moet de politiek zorgen dat beheer en onderhoud door de Veenendaalse bedrijven wordt gedaan om zo de werkgelegenheid in de plaats te houden en veel meer dan nu gebeurt moet de gemeente dit stimuleren en de aanbesteding van werken lokaal te houden.
Dat is met name voor het eigen gemeentelijke bedrijf IW4 van belang, immers als de werknemers van IW4 geen werk hebben moet de gemeente bijpassen. Het eventuele voordeel van openbare aanbesteding is hier volledig verdwenen en werknemers van elders rijden dagelijks vele kilometers om hier te werken terwijl Veense bedrijven weer elders werken. Regionalisatie van werk is tevens een passend antwoord op de enorme verkeersproblemen.
De Koninklijke Ginkel Groep werkt nauw samen met IW4 en deEekhoeve en heeft recent nog iemand uit de werkvoorziening een baan kunnen aanbieden.

De Wet Werken naar Vermogen, waarvan de invoering snel nadert, betekent een veel grotere verantwoordelijkheid voor de gemeente. Gemeente en bedrijfsleven kunnen niet zonder elkaar! We praten door over de mogelijkheden van een alliantie van bedrijven die zich samen met de gemeente inzet voor de zwakkeren in de samenleving. Een win-win relatie die maakt dat mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt in hun eigen woonplaats aan de slag kunnen. “Als iemand zijn eigen wijk helpt onderhouden is dat niet alleen goed voor de wijk maar ook voor de WA - jonger, want die kan zeggen dat hij de wijk zo netjes onderhoudt en dus trots zijn op zichzelf en zijn woonwijk.

Een leerzaam bezoek waaraan we nog een vervolg geven!

Veenendaal van dorp tot winkelstad, zelfoverschatting of ambitie

Geplaatst 8 nov. 2011 04:35 door CDA Veenendaal

Overschat Veenendaal zichzelf, of is er sprake van gezonde ambitie. Die vraag staat centraal op een thema-avond van CDA Veenendaal in de Cultuurfabriek aan het Kees Stipplein. De thema-avond wordt gehouden op woensdag 16 november 2011. De avond begint om 20.30 uur.

Peter Baten zal tijdens de avond een inleiding houden over Veenendaal als winkelplaats met ambitie. Of moet het winkelstad zijn? CDA-Veenendaalvoorzitter Ron Rijnbende: “Soms klinken er ook verontrustende signalen rondom leegstand en bereikbaarheid. Springt Veenendaal te ver?” Onderzoeker Ronald van der Steen geeft een uitleg over zijn bevindingen bij zijn onderzoek naar winkelgebieden. Na de twee sprekers is er gelegenheid tot discussie. Daarbij kan het gaan om de vernieuwde Hoofdstraat, het bezoek van de Koninklijke familie tot de verpaupering van de Groeneveldselaan.

De thema-avond sluit aan op de halfjaarlijkse ledenvergadering van CDA Veenendaal. Deze ledenvergadering begint om 20.00 uur. Om 20.30 uur wordt het programma in een openbare bijeenkomst voortgezet. Rijnbende: “We willen met onze bijeenkomsten op locatie laten zien dat we oog hebben voor de onderwerpen die in Veenendaal spelen. We merken dat er veel wordt gesproken over de ambitie van Veenendaal en dat niet iedereen die ambitie onderschrijft. Vandaar een thema-avond in het gebouw van de bibliotheek, die als vice-kampioen uit een verkiezing Beste bibliotheek van Nederland is gekomen.”

Nieuwe woorden, nieuwe beelden

Geplaatst 1 nov. 2011 12:26 door CDA Veenendaal

Jacobine Geel heeft de voorlopige bevindingen van de commissie “Nieuwe woorden, nieuwe beelden” gepresenteerd tijdens het CDA congres in Utrecht. De commissie noemt vier nieuwe uitgangspunten:
  • Nederland maken we samen
  • Betrokken en nabij
  • Rechtvaardig en betrouwbaar
  • Zorg voor de aarde







Hier haar inleiding.

Was ook de politiek maar zo, verzucht de Vlaamse dichter Herman de Coninck ergens:

[…]

Was ook de politiek maar zo:

dit in de werkelijkheid aankomen als in een

oude boerenhoeve en zeggen: dit is

een dragende muur, die laten we staan,

die en die muren moeten weg,

daar komen grote ruimtes.


Was ook de politiek maar zo. Maar soms is ze dat. Soms dringt zich het inzicht op dat wie trouw wil blijven aan dezelfde waarheid, gewoonweg moet veranderen. Soms doet zich de noodzaak, en daarmee de mógelijkheid voor van een ingrijpende verbouwing. Nu is zo’n moment.

Dat is in ieder geval de overtuiging van waaruit de commissie Nieuwe woorden, nieuwe beelden aan de slag ging. Haar opdracht was om de uitgangspunten van de partij nieuw leven in te blazen. Tegen de achtergrond van die opdracht heeft de commissie op de volgende drie vragen een antwoord willen formuleren:
  • Wat zijn de taal en de codes van onze samenleving nu?
  • Wat is het kloppend hart van het CDA?
  • Met welke nieuwe woorden en beelden kunnen de uitgangspunten opnieuw verstaanbaar en herkenbaar worden gemaakt als richtingaanwijzers voor een eigentijdse, christendemocratische koers?
Mede op aandringen van het partijbestuur heeft de commissie zich ingespannen om alle lagen binnen de partij, maar ook deskundigen van buiten, bij haar verkenning te betrekken. Velen van u, vandaag aanwezig, kunnen hiervan getuigen! En omdat morele en machtspolitieke vragen sterk met elkaar verbonden zijn, en móeten zijn, is er bovendien regelmatig overleg geweest met die andere commissie, het Strategisch Beraad onder leiding van Aart-Jan de Geus.

Gevoegd bij de eigen analyse van de commissie leverden de vele en intensieve gedachtewisselingen de bouwstenen voor het verhaal waarvan wij vandaag de eerste contouren schetsen. Wij hopen van harte dat wij vanuit deze aanzet het gesprek met u kunnen voortzetten en verdiepen. Op het bijzondere partijcongres van 21 januari 2012 aanstaande zullen de nieuwe woorden en nieuwe beelden dan echt ten doop gehouden kunnen worden. Om daarna hun weg te vinden in de partij en – misschien nog wel belangrijker – in de samenleving. 

Voordat ik inga op de kernthema’s van deze tijd, en de vraag vanuit welke bezieling het CDA daarin positie moet kiezen, een paar opmerkingen over het nut en de betekenis van het werk van de commissie.

Het proces dat wij in gang bedoelen te zetten is geen ‘marketingdingetje’. Het gaat niet alleen om de verpakking van de boodschap, de boodschapper zélf is in het geding. Het is met name het gemis van (voelbare) doorleving van de uitgangspunten dat de partij op het veelgehoorde verwijt van zielloosheid is komen te staan. Voorop staat daarom wat ons betreft dat de boodschapper zichzelf opnieuw moet uitvinden.

Om die reden moet het werk van de commissie meer opleveren dan een tekst en voorstellen voor een eigentijdse communicatie van de uitgangspunten naar buiten, al moet dat ook. Voor vitaliteit op de lange termijn is het bovendien absoluut noodzakelijk dat het gesprek over de uitgangspunten, en hun betekenis voor concrete politieke keuzes, in alle geledingen van de partij blijvend op de agenda staat. De commissie zal ook voor de borging van dit voortgaande gesprek voorstellen doen.

Wat uiteindelijk weer centraal moet komen te staan is niet de zorg om de toekomst van de partij, maar de vraag naar de toekomst van ons land. Wat voor soort Nederland staat ons voor ogen? En wat kan en moet het CDA, vanuit zijn heel eigen traditie en inspiratie, doen om die toekomst dichterbij te halen?

Lezen van de eigen tijd

Een belangrijk aandachtspunt in het werk van de commissie was het lezen van de eigen tijd. Welke ontwikkelingen zijn anno 2011 dominant en vragen om een authentieke en heldere positionering van de partij?

Ik noem er vier:
  • de dominantie van de economische logica: het lijkt in ons land alleen nog maar te gaan om cijfertjes en afrekenen;
  • een dwingende vorm van liberalisme: iedere burger in dit land lijkt zich te moeten onderwerpen aan één uniforme uitleg van wat vrijheid is;
  • de omvorming van onze verzorgingsstaat in de richting van een samenleving waarin zelfredzaamheid centraal staat en mensen het gevoel hebben op zichzelf teruggeworpen te zijn;
  • een lang aanhoudende periode van economische onzekerheid

Daarnaast en daardoorheen leeft in onze samenleving een breed gedeeld gevoel van onbehagen. Misschien niet over het persoonlijk welbevinden, maar wel over een collectief tekort. Met mij gaat het goed, maar met ons gaat het slecht. Waar het dan aan schort? Misschien drukt essayist Bas Heijne het wat al te kras uit als hij het over Nederland heeft als ‘een verzamelplaats van losse individuen die om binding schreeuwen’. Maar wat stellig een rol speelt is een verlangen naar gemeenschap én het ontredderende besef dat we op allerlei niveaus niet goed meer lijken te weten waar die te vinden is.

Wie ben ik, waar hoor ik bij, en van welke gemeenschap kan en wil ik deel uitmaken? Wie op deze identiteitsvragen een overtuigend antwoord weet te formuleren heeft goud in handen. Reikt de christelijke traditie waaruit het CDA vanouds haar inspiratie put dit goud aan? Naar de mening van de commissie in overvloedige mate. Niet alleen op het punt van de identiteit, maar daar wel om te beginnen.

Toekomstgericht

De christelijke traditie is wezenlijk toekomstgericht. Natuurlijk, geslachten gaan, geslachten zullen komen, en wij zijn de eersten niet. Maar niettemin: het beste komt nog. Het paradijs mag verloren zijn, een nieuwe hemel en een nieuwe aarde liggen in het verschiet. Daarheen zijn we op weg. Traditie is niet staren op wat vroeger was, is niet het roeren in de as, maar is vuur dat doorgegeven wordt.

Wat het publieke debat over identiteit, zeker onze nationale identiteit, vaak op slot gooit is een nostalgische gerichtheid op het verleden. Het is ooit gevormd. Wie er op tijd bij waren mogen van geluk spreken. Nieuwkomers staan bij voorbaat op bijna niet meer in te halen achterstand. Het klinkt tegenstrijdig, maar spreken over identiteit en gemeenschap wordt zo gemakkelijk een manier om mensen buiten te sluiten.

Dit is in strijd met de geest van het CDA. Die inspireert veeleer tot een spreken over identiteit als toekomstbeeld. En daarmee tot een uitnodiging aan ieder in de samenleving om daaraan mee invulling te geven, vanuit eigen achtergrond én naar vermogen.

Wij Nederlanders zijn trots op onze geschiedenis van een open en sociaal land. Waarom zouden we vanuit die trots niet ook met de toekomst aan de slag gaan? Laten we samen nieuwe toekomstbeelden maken. Gaat u ook mee, op weg naar Nederland, niet als een ik-, maar als het nieuwe WIJ-land? Zo’n vraag zou in verkiezingstijd een CDA-campagnebord moeten sieren.

Identiteit als toekomstbeeld bevordert een meer ontspannen omgang met verschil en verscheidenheid als rijkdom. Het sluit bovendien aan bij al bestaande inspanningen binnen de partij om het integratievraagstuk om te buigen naar een participatievraagstuk. Niet waar je vandaan komt, maar of je meedoet maakt dat je erbij hoort.

Tegenover identiteit als nostalgisch geladen uitsluitingsmechanisme zet het CDA dus een toekomstgerichte identiteit in. Maar er is meer. De christelijke traditie inspireert ook tot een kritische houding ten opzichte van andere tendensen van deze tijd:
  • tegenover het dwingende liberale vrijheidsbegrip benadrukt het CDA dat vrijheid niet alleen betekent dat je kunt kiezen voor jezelf, maar ook vraagt dat je zorg draagt voor een ander;
  • tegenover de dominantie van de economische logica speelt het CDA de kaart van de moraliteit: het gaat niet alleen om wat iets kost, het gaat ook om wat van waarde is;
  • en tegenover zelfredzaamheid die mensen terugwerpt op zichzelf zet het CDA in op betrokkenheid en nabijheid.
Ik licht dit toe.

Vrijheid

Het CDA staat vanouds pal voor de vrijheid van godsdienst, en zal dat blijven doen. Met een scherp oog voor het risico dat die vrijheid inhoudelijk weinig meer voorstelt, wanneer tegelijkertijd alles en iedereen in onze samenleving gedwongen wordt om op dezelfde manier vrij te zijn. Het voorstel om ritueel slachten te verbieden is hier een recent voorbeeld van.

Maar het denken over vrijheid verdient om nóg een reden hoog op de agenda van het CDA te staan. Premier Mark Rutte verwoordde dit jaar op Bevrijdingsdag een heel gangbare opvatting van vrijheid toen hij zei: ‘De essentie van vrijheid is dat je je eigen keuzes kunt maken. Dat je het leven kunt leven zoals je dat zelf wilt.’ Hier moet het CDA nadrukkelijk een tegengeluid laten horen.

In de eerste plaats door erop te wijzen dat mensen behalve naar hun eigen geluk ook altijd op zoek zullen zijn naar geest- en gevoelsverwantschappen. Reden waarom ze doorgaans graag bereid zijn iets van hun eigen, onbelemmerde vrijheid in te leveren. Alleen al de vanzelfsprekende opofferingsbereidheid binnen gezinnen en families maakt duidelijk dat lang niet iedereen het als hoogste ideaal ziet het leven te leven zoals ze dat zelf willen. Mede daarom zet het CDA in op gezin en familie als bouwstenen voor de toekomst.

Een tegengeluid is ook nodig omdat we nu eenmaal niet allemaal, en ook lang niet altijd sterk genoeg zijn om de weelde van onbelemmerde bewegingsvrijheid te kunnen dragen. Voor echte ontplooiing is ook zorg nodig en een gevoel van verantwoordelijkheid voor elkaar. Het CDA is bij uitstek de partij die compassie hoog in het vaandel heeft. Zij kan de gevoeligheid voor wie en wat kwetsbaar is naar voren brengen, en moet die levend houden.

Tenslotte: vrijheid is meer dan kunnen kiezen wat je wilt; ook wát je kiest doet ertoe. Wie dat zegt, zegt daarmee in één adem dat mensen de goede, maar ook de verkeerde keuzes kunnen maken. Wat goed en verkeerd is ligt niet bij voorbaat vast. Het CDA moet dan ook beslist niet de kant op van een opgelegde moraal. Het gaat erom een beweging op gang te brengen van inhoud naar houding.

Wat de partij daarom wel moet doen is bij voortduring het gesprek te organiseren over de betekenis van de ene keuze ten opzichte van de andere. Met volle inzet, en tegelijkertijd in het nuchtere besef dat verschillen van inzicht zullen blijven bestaan.

Het CDA zet op die manier moraliteit weer op de kaart. En maakt zo ruimte om het behalve over de kosten, ook weer te hebben over wat van waarde is. Of het nu gaat om de zorg, het onderwijs, het midden- en kleinbedrijf, de ontwikkelingssamenwerking, of de politiek zelf : het zijn niet de kosten en de protocollen die de toon moeten zetten, maar de vraag wat van waarde is, en wat waarde toevoegt.


Het CDA dat ons voor ogen staat is geïnspireerd, uitdagend en uitnodigend.

Het CDA heeft zichzelf vaak gepresenteerd als partij van het midden. Een hachelijke positie, die in de praktijk vaak leidde tot het verwijt van kleurloosheid en onbegrensde compromisbereidheid. Zeker is het CDA van de toekomst een partij die compromissen sluit, maar dan met de ánder, en niet met zichzelf. Vanuit de overtuiging dat de samenleving meer gediend is met het zoeken naar wat bindt, dan met het tegen elkaar uitspelen van mensen en mogelijkheden. Een zoektocht die des te urgenter wordt naarmate economische schaarste onderlinge verhoudingen op scherp zet. Door te zoeken naar wat bindt laat de partij zien het lef te hebben om, zo nodig, tegen de geest van de tijd in te gaan.

Het CDA van morgen is toekomstgericht, heeft een sociaal hart, en agendeert vol vuur het oude ideaal van betrokkenheid op het goede leven. Is dat nieuw-rechts? Is dat sociaal-conservatief? U mag het zeggen. Wezenlijk is dat de partij zich niet laat vangen in het versleten schema van links of rechts. En wat de partij in ieder geval niet is, is kleur- en zielloos.
Om samen vorm te geven aan het goede leven, waarin persoonlijke groei en zorg voor de ander hand in hand gaan, doet het CDA een appèl op ieder - of die nu christen is, of moslim of gewoon van goede wil - die zich wil laten raken door de mensen en de wereld om zich heen.

Eén ding is ons in de gesprekken van de afgelopen maanden met name opgevallen: het CDA is geen partij van of voor cynische mensen, die alleen maar gaan voor hun eigen geluk. Als het erom ging de ziel van de partij te typeren werd één cluster van begrippen vooral genoemd: nabijheid, verbondenheid, betrokkenheid, barmhartigheid, mededogen, ontferming. Daarzonder zou het CDA - alle prachtige uitgangspunten ten spijt - wezenlijk onherkenbaar zijn.

Het CDA is een partij van en voor mensen die zich willen laten raken door wat er om hen heen gebeurt. Zij zijn met ontferming bewogen, en willen vanuit die bewogenheid hun bijdrage leven aan een betere wereld, in sociaal opzicht, en als het gaat om natuur en milieu. De wereld én de aarde gaan hen aan het hart.

Omdat deze houding nu al kenmerkend is voor velen die zich tot het CDA voelen aangetrokken, geeft de commissie u het volgende in overweging: het CDA van de toekomst profileert zich nadrukkelijk als de partij die kiest voor compassie, en die zich juist daarin onderscheidt van andere partijen.

Compassie is de ziel, het kloppend hart, de grondtoon. Als richtlijn voor concreet politiek handelen biedt ze echter onvoldoende houvast. Hier komen de uitgangspunten in beeld, de verbindende schakels tussen droom en daad.

Die uitgangspunten – gerechtigheid, solidariteit, gespreide verantwoordelijkheid en rentmeesterschap – zijn flets geworden. Ze zijn teveel overwoekerd geraakt door machtsdenken en pragmatisme. De relatie met het verhaal en de traditie waaruit ze ontstaan zijn is vervaagd en vervlakt. Maar het is wel degelijk mogelijk om ze weer op spanning te brengen.

De commissie doet een voorzet:

Gespreide verantwoordelijkheid wordt Nederland maken we samen.
Mensen, buurten, sportclubs, scholen, kerken, moskeeën, zorginstellingen, bedrijven: ze leveren allemaal een unieke bijdrage. De overheid geeft al die verschillende mensen en organisaties het vertrouwen dat ze doen wat ze kunnen, de burger gunt de overheid de ruimte te doen wat zij moet doen.
Het radicale potentieel zit hier in het begrip ‘vertrouwen’, dat de relatie tussen burgers en overheid wezenlijk anders toonzet dan de bestaande cultuur van controleren en afrekenen. Vertrouwen schept ruimte voor kleinschaligheid en gemeenschapszin, en vraagt van de overheid de bereidheid het risico te nemen dat het soms ook fout kan gaan.

Solidariteit wordt betrokken en nabij.

Wie geraakt is door het lot van de ander, kan niet anders dan in beweging komen. Persoonlijke geraaktheid gaat daarom vooraf aan de bereidheid tot financiële of andere hulp. Ook in door de overheid georganiseerde hulp moet die persoonlijke factor weer zichtbaar en voelbaar worden gemaakt.

Publieke gerechtigheid wordt rechtvaardig en betrouwbaar.

De overheid is er om samenleven mogelijk te maken voor ons allemaal. Een strenge en betrouwbare overheid die grenzen stelt en onrecht bestrijdt is nodig om ruimte te scheppen voor al het goede dat mensen in de samenleving tot stand kunnen brengen. Rechtvaardigheid betekent ook dat de overheid in haar optreden recht doet aan alle facetten van het mens-zijn, en op die verantwoordelijkheid aanspreekbaar is.

Rentmeesterschap wordt zorg voor de aarde.

We hebben zowel de natuur als de cultuur geërfd van onze (voor)ouders en te leen van onze (klein)kinderen. Dat vraagt om meer dan beheren en beheersen. Als we het goed laten we iets achter dat beter is dan we ontvingen. Omwille van de zorg voor de aarde mogen we daarom niet aarzelen om op korte termijn pijnlijke keuzes te maken, als we daarmee op lange termijn kunnen beschermen wat van waarde is.

Samenvattend: de commissie ziet het CDA van de toekomst als een partij die zich, vanuit compassie, inzet om beleid te maken op basis van de volgende uitgangspunten:

Nederland maken we samen
Betrokken en nabij
Rechtvaardig en betrouwbaar
Zorg voor de aarde

Het woord is nu aan u!

'Veenendaal moet HBO-idee laten varen'

Geplaatst 30 sep. 2011 10:31 door CDA Veenendaal

“Veenendaal moet het idee om een hbo-opleiding te beginnen laten varen” Doekle Terpstra, voorzitter van de Raad van Bestuur van HBO InHolland, is daarin heel stellig. “Focus je op vmbo en mbo, samen met de midden- en kleinbedrijven, en ga daarover met elkaar in gesprek”, was Terpstra’s advies aan het eind van een thema-avond over onderwijs en beroep, die door CDA Veenendaal was georganiseerd.

Terpstra baseerde zijn uitspraken op de stelling dat de Nederlandse boterham wordt belegd door de samenwerking in het mbo en niet door de wo’ers en de hbo’ers. “De overheid zoomt teveel in op wetenschappelijk onderwijs en hoger beroepsonderwijs, en te weinig op middelbaar beroeps onderwijs.”

Leonard Geluk, voorzitter van het College van bestuur van ROC Midden Nederland, bepleitte om te investeren in het beroepsonderwijs, en om de drempel voor havo- en vwo-opleidingen niet verder te verlagen. Daarbij deed hij een appel op ouders om zich meer met opvoeding en school te bemoeien. “We moeten als ouders en als school met elkaar uitspreken wat we van elkaar mogen verwachten, ouders en school moeten partners zijn”, hield hij de zestig aanwezigen voor. Doekle Terpstra sloot daarbij aan door te stellen dat het hoger beroepsonderwijs niet alleen moet opleiden tot vakspecialist, maar dat de studenten ook het burgerschap moet worden bijgebracht.

Ondernemer Wim van Ginkel constateerde een teruglopende interesse in het ambacht. “Over een paar jaar hebben we alle beschikbare talenten nodig om Nederland economisch draaiend te houden. Nu merk ik dat het ambacht nauwelijks wordt gewaardeerd.” Van Ginkel vindt dat er meer regionaal moet worden gedacht. “Het is natuurlijk onzin dat wij als Veenendaals bedrijf in Amsterdam actief zijn en dat onze Amsterdamse collega’s in Veenendaal aan de slag zijn.”
De afsluitende forumdiscussie leidde uiteindelijk tot enkele “gouden tips”. Overleg tussen onderwijs, bedrijfsleven en ouders blijkt dan noodzakelijk om een stap verder te komen. Meer waardering voor het vmbo en mbo en de inzet van seniore vakspecialisten kunnen een stimulans zijn voor de jeugd om voor een ambacht te kiezen.

Spraakmakende sprekers op thema-avond CDA over jeugd en onderwijs

Geplaatst 20 sep. 2011 01:37 door CDA Veenendaal

VEENENDAAL – CDA Veenendaal organiseert op woensdag 28 september een thema-avond, met spraakmakende sprekers. Doekle Terpstra, voorzitter van de Raad van Bestuur van HBO InHolland, zijn ROC Midden Nederlandcollega Leonard Geluk en de Veenendaalse ondernemer Wim van Ginkel laten hun visie horen hoe het onderwijs in Veenendaal beter kan aansluiten bij het beroepenveld. De toegang tot deze avond in Het Perron aan de Sportlaan in Veenendaal is gratis.

De centrale vraag op de thema-avond is hoe het onderwijs in Veenendaal kan aansluiten bij de talenten van jongeren en bij de behoeften van het regionale bedrijfsleven? De inleiders hebben de nodige ervaring in het onderwijs. Leonard Geluk is topmanager van ROC Midden Nederland en was wethouder Jeugd in Rotterdam. Ook is hij lid van de Onderwijsraad. Wim van Ginkel is directeur van de Ginkel Groep uit Veenendaal. Doekle Terpstra is bestuursvoorzitter van Hogeschool InHolland en voormalig voorzitter van de HBO Raad. HBO InHolland kwam negatief in het nieuws over gemakkelijk weggegeven diploma’s. Terpstra stelt daar nu orde op zaken.

Sprekers met visie
“We zijn blij dat we zulke prominente sprekers hebben,” aldus raadslid Dick Cozijnsen. “Deze heren hebben echt kennis van zaken en ze hebben ook een uitgesproken visie over het onderwijs. We hopen aan het eind van de avond meer inzicht te hebben in de onderwijsmogelijkheden in Veenendaal.”

Na de inleidingen van Terpstra, van Ginkel en Geluk is er ruimte voor vragen en gesprek. Daarvoor wordt het publiek ook uitgenodigd. In het gespreksforum nemen dan ook Dick Looyé, directeur CSV en Marieke Overduin, fractievoorzitter CDA Veenendaal plaats. Cozijnsen: “De avond lijkt ons interessant voor veel verschillende groepen mensen, zoals betrokkenen bij het onderwijs, het bedrijfsleven, de politiek, maar natuurlijk ook voor leerlingen en hun ouders. We zijn daarom blij met de inspirerende omgeving van Het Perron aan de Sportlaan. De toegang is vrij, koffie en thee zijn gratis en na afloop kunnen we nog even napraten. Iedereen is van harte welkom, maar vanwege de koffie en de stoelen hopen we dat onze gasten zich van tevoren even aanmelden via cda.vdaal@gmail.com. ”

De thema-avond is op woensdag 28 september in Het Perron, Sportlaan, Veenendaal. Toegang is gratis. Meer informatie staat op de website www.cdaveenendaal.nl

Doekle Terpstra op openbare thema-CDA over jeugd en onderwijs

Geplaatst 6 sep. 2011 02:36 door CDA Veenendaal

Hoe laten we het onderwijs in Veenendaal aansluiten bij de talenten van jongeren en bij de behoeften van het regionale bedrijfsleven? Die vraag staat centraal bij een openbare thema-avond, die wordt georganiseerd door CDA Veenendaal.
Na inleidingen van Leonard Geluk, (ROC Midden Nederland), Wim van Ginkel (van Ginkel Groep) en Doekle Terpstra (Hogeschool In Holland) is er ruimte voor vragen en gesprek. In het gespreksforum nemen dan ook Marieke Overduin, fractievoorzitter CDA en Dick Looye (CSV) plaats.

De thema-avond is op woensdag 28 september in Het Perron, Sportlaan, Veenendaal. Toegang is gratis. Meer informatie staat op de website www.cdaveenendaal.nl

Toespraak Maxime Verhagen over populisme

Geplaatst 29 jun. 2011 22:52 door CDA Veenendaal   [ 5 sep. 2011 11:21 bijgewerkt ]

Speech Maxime Verhagen, CDV Symposium Populisme, 28 juni 2011

I MAATSCHAPPIJ
We leven in een tijd van onbehagen. De meeste Nederlanders zijn tevreden met hun eigen leven, maar veel minder met de maatschappij waarvan ze deel uit maken. Onzekerheid is een levensgroot kenmerk van deze tijd.

Niet alleen economisch, niet alleen de baan en het inkomen, maar breder. Hoe gaat ons land eruit zien? Blijft Nederland nog wel Nederland als er zoveel buitenlanders bij komen? Blijft mijn buurt wel mijn buurt als er weer een kerk gesloten wordt en er een moskee wordt gebouwd? Waarom passen de nieuwkomers zich niet aan ons aan? Zij hebben geen last van mij ik wil ook geen last van hen hebben. Ze pikken toch niet de baan van mijn zoon in? Alles is zo duur geworden in Nederland; wordt mijn pensioen straks ook nog gekort? Hoe zit het eigenlijk met de boodschappen die ik doe: wat kan ik nu wel en wat kan ik nu beter niet eten van die producten uit het buitenland en zit die buitenlandse ziekte nu ook in onze groente of in ons vlees? Moeten we ook niet gewoon helemaal af van al dat buitenlandse gedoe en kunnen we niet – letterlijk – beter onze eigen boontjes doppen? Het buitenland kost toch alleen maar geld en levert weinig op behalve problemen. Europa: ik weet dat er veel geld naar toe gaat maar ik zie er niets van terug. Waarom bemoeit Brussel zich überhaupt met ons? Ja, ik zie dat als er een ander land failliet gaat dat we dan nóg meer geld geven. Sinds wanneer zijn wij een liefdadigheidsinstelling..?

Dit onbehagen is door de traditionele politieke partijen, ook door mijn eigen CDA, lang weggezet als een foutieve reactie op de snelle veranderingen in de wereld. Heus, alles zou goed komen.

Maar dit onbehagen is begrijpelijk. Het is niet meer vanzelfsprekendheid dat onze kinderen het beter zullen hebben dan wij. De samenhang in steden en dorpen is verdwenen door de komst van individualisering, immigranten vanuit de hele wereld en een complexer wordende samenleving. De traditionele verbanden van kerk, partij en vereniging bestaan niet meer. In Brabant verdwijnen de komende tien jaar 237 van de 287 kerken. Het levensbeschouwelijke kompas dat wij van huis uit meekregen, heeft plaatsgemaakt voor een vrijheid die vaak meer beangstigt dan bevrijdt.

Kort door de bocht of niet: het zijn terechte zorgen van mensen. Hoe je er vervolgens op inspeelt en mee omgaat is een tweede. Ik denk dat de onzekerheid van mensen in onze huidige tijd dé voedingsbodem voor populisme is. Niet hun zorgen zelf zijn populistisch maar de antwoorden van bepaalde leiders die er zelf beter van willen worden. Die er populair van willen worden. Terwijl de sociaal wenselijke antwoorden van andere leiders het onbegrip ten opzichte van de zogenaamde Haagsche zakkenvullers vergrootte.

Hoe ga je hiermee om als politieke partij? Aan welke kant staan wij als CDA? Wat is ons christen democratisch antwoord? Mijn dank gaat uit naar het WI voor de boeiende bijdragen die zijn gemaakt over het thema populisme. Ik ken het WI als grondig, degelijk, intellectueel en koersvast.

II PARTIJ
Het eigen verhaal
Het onbehagen moet ook het onbehagen zijn van een volkspartij als het CDA. Anders laten we de mensen over aan populistische partijen die dit onbehagen wel benoemen, en daarvoor worden beloond met de ene verkiezingsoverwinning na de andere. Een groot deel van de mensen die PVV stemden, zijn onze mensen. Met hun zorgen. Ik wil niet blind zijn voor de voedingsbodem van populisme, voor de onvrede in de samenleving, voor de onzekerheid van mensen. Ik heb begrip voor de zoektocht naar houvast en stabiliteit. Het is hetgeen professor Gabriel van den Brink eerder noemde in zijn boek ‘Moderniteit als Opgave’. Mensen zoeken rust, stabiliteit en overzicht. Juist omdat alles, nabij en in de wereld, al zo snel gaat, hunkeren de mensen naar dit overzicht. Overzicht waar constant door vooral de progressieve elite met veel dedain als ‘burgerlijk en bekrompen en spruitjeslucht’ op afgegeven werd. Dat dit jarenlang gedaan is, moeten we onder ogen zien. En dan hoeven we niet terug naar de jaren vijftig of naar een idealistische heilstaat, die er niet komt.

Het CDA moet een christendemocratisch antwoord op het onbehagen vinden. Het populisme zal nooit het antwoord van het CDA kunnen zijn. Tegelijkertijd moeten we de zorgen niet afdoen als onfatsoenlijk of stellen dat je dat niet mag vinden. Wij willen luisteren naar de mensen, maar we willen meer doen dan wat mensen willen en zeggen. Het CDA wil richting geven en mensen overtuigen vanuit zijn beginselen. De wil van het volk is nooit absoluut. Ze wordt begrensd door de rechtstaat, de vertegenwoordigende democratie en internationale verdragen. Het volk kan ook ontsporen; denk aan de manier waarop Socrates en Jezus ter dood werden veroordeeld. Het CDA wil altijd rechtvaardigheid en zijn beginselen vooropstellen en niet de wil van de toevallige meerderheid.

De Leitkultur uitdragen
Het grote verschil tussen populisme en christendemocratie is dat wij als CDA, dat ik, wil luisteren naar mensen, maar ook richtinggevend willen zijn. Vanuit beginselen. Niet vluchtig, maar gefundeerd. Populisten vinden in de regel dat de overheid zich met te veel bemoeit, dat de belastingen te hoog zijn, dat massale immigratie een probleem vormt, dat de islam vaak nogal onbeschaafd is. Met die standpunten kun je het oneens zijn, maar het is wel erg gemakzuchtig ze meteen als onredelijk te diskwalificeren. Politiek moet meer zijn dan doen wat mensen willen en zeggen. En natuurlijk, ook een volkspartij als het CDA moet primair buiten Den Haag acteren, luisteren naar de mensen, maar ook een visie neer durven zetten.

We moeten om te beginnen de joods-christelijke wortels van ons land en ons werelddeel erkennen. Het CDA moet dit durven uitdragen. Onze historie, cultuur en onze ongeschreven omgangsvormen. Daarbij hoort overigens ook nieuwsgierigheid naar andere culturen en tradities. Dat de multiculturele samenleving is mislukt, mag geen reden zijn om weg te kruipen achter de dijken, en alles wat vreemd is bij voorbaat af te wijzen.

Het populisme is een overreactie op de verheerlijking van het multiculturalisme: het nemen van westerse waarden van nu als superieur en afwijkingen daarvan als niet gewenst. Het CDA zegt ook dat het einde van het multiculturalisme terecht is. Poets het idee van leitkultur weer op, benadruk dat het primaat ligt bij westerse waarden, maar laten we niet naar binnen gekeerd raken. “Onderzoek alles, maar bewaar het goede”. Dus een gezonde openheid naar andere culturen, tradities en mensen is noodzakelijk voor een vitale cultuur. Populisme vreet aan die gezonde basis.

Hoe willen we als CDA de waarden die horen bij onze cultuur in de praktijk vorm geven? Het vertrouwen in politieke partijen, is tot op het nulpunt gedaald. De levensduur van regeringen neemt af. Zodra ze met maatregelen zijn gekomen, worden ze weer weggestemd. Of het nu gaat om christendemocraten, liberalen, socialisten of weer anderen: regeren is creperen. Brown in Engeland, Zapatero in Spanje, Obama in de VS, Merkel in Duitsland: allemaal verloren ze (tussentijdse) verkiezingen. Het onbehagen is groot en het geduld van de kiezers kort.

Subsidiariteit
In wezen geven de oude encyclieken dit prima aan. De katholiek sociale leer zoals die sinds eind 19e eeuw geformuleerd is, heeft veel waarden in zich. En ook deze leer geeft aan dat er een weg is tussen kil marktliberalisme en compromisloos socialisme. De katholiek sociale leer benoemt het subsidiariteitsbeginsel en geeft ieder mens, ieder persoon binnen zijn of haar gemeenschap een taak. Een persoonlijke verantwoordelijkheid. Deze beginselen passen bij het CDA. Wat betekent dat in het licht van populisme? Dat mensen hun onvrede niet moeten uiten door te wijzen naar anderen, maar de samenleving zelf moeten helpen inrichten. De overheid faciliteert daarbij. Niet meer. Dat zou het CDA meer moeten benadrukken. De mensen zijn zelf aan zet. Wanneer mensen de samenleving zelf inrichten, hebben ze niemand in Den Haag meer nodig die zegt dat er een kloof bestaat tussen hen en de politiek. Niet roepend dat de elite niet deugt en niet eens in het jaar stemmend over een referendum. Neen, echt betrokken.

Instituties
Ontaardt dat in individualisme en najagen van eigen belang? Ik denk het niet. Mensen maken deel uit van een gezin en een familie, leven in een stad of dorp, zijn actief in een sportclub of een vakbond. Als CDA-er wil ik een lans breken voor instituties – let wel: niet instituten – in onze maatschappij. Het zou onterecht zijn als we die als ouderwets terzijde schuiven. Ze zijn een noodzakelijke buffer tussen de mensen en de overheid, tussen het leven van alle dag en de staat. Instituties moeten meegaan met nieuwe generaties en mee-ademen met de tijd; maar wel blijven ademen en hun achterban blijven vertegenwoordigen! Wanneer ze dat niet doen, dan raken ze gedateerd, worden minder relevant en uiteindelijk overbodig. Kijk naar het tanende draagvlak in de samenleving voor de publieke omroepen, de woningbouwcorporaties of de natuurbeschermingsorganisaties.

Een hyves, twitter-account of facebook-groep kunnen nieuwe verschijningvormen zijn van oude instituties. Zelfs de katholieke kerk, een instituut dat onder vuur ligt vanwege ethische schandalen, is in de loop der eeuwen veranderd. Had de kerk dat niet gedaan, dan had ze allang niet meer bestaan. Ook hier geldt weer dat de sociale media instituties juist kunnen versterken, moderniseren en een nieuwe functie geven. De website van het Vaticaan is één van de modernste. Inderdaad: beeldcultuur past bij katholieken.

Juist omdat het CDA niet blind op enkel markt of overheid vertrouwt, breek ik een lans voor eigentijdse instituties. Ik zet me af tegen partijen als D66 en de PVV, die tegen instituties tekeer gaan. De laatste schopt ertegen als bolwerken van de elite, de eerste wil ze afschaffen en vervangen door een directe democratie. En toch, zonder instituties zou de buffer tussen burgers en de overheid weg zijn. Ik denk dat de mensen, voor wie populisten zeggen op te komen, kwetsbaar zijn zonder instituties; het gevoel van rust, stabiliteit en overzicht nog meer zouden missen.

III POLITICI
Afstandelijke nabijheid
We kunnen de echte vraagstukken van deze tijd pas op- en aanpakken, wanneer de mensen in hun nabijheid zich veilig voelen. Gelukkig zijn. CDA-politici moeten het vertrouwen terugwinnen van de mensen om hen heen. Dat kan als ze als leiders tussen de mensen staan. Net als de kapelaan vroeger: gezaghebbend, maar toch in de buurt. Vertegenwoordiger van het instituut kerk, maar ook tussen de mensen. Afstandelijke nabijheid, zo zouden CDA’ers wat mij betreft politiek moeten bedrijven en moeten besturen. Wij moeten er zijn voor de mensen voor wie het allemaal te snel gaat met Europa, internet en de wereldeconomie. Het is het subsidiariteitsbeginsel vanuit de katholiek sociale leer, het is zorgen dat de straat, school en ziekenhuis goed zijn. Dan krijgen we ook het vertrouwen dat nodig is voor het oplossen van de ingewikkelde, mondiale vraagstukken; van de eurocrisis tot en met klimaatverandering.

Het CDA ziet het hebben van een talent eerder als een verantwoordelijkheid dan als een voorrecht. Mensen op hogere functies in de politiek, in de rechterlijke macht, in het bedrijfsleven en bij publieke instellingen als verpleeghuizen en woningbouwcorporaties zitten op bevoorrechte posities niet voor zichzelf, maar voor het algemeen belang, ook voor de gewone man. Dat lijkt een open deur maar dat is het niet. We hebben ook daar als CDA’ers van weggekeken.

Vraagstukken
Welke zijn de echte vraagstukken van deze tijd? Ik denk dan aan een goed functionerende arbeidsmarkt, integratie en het gemeenschappelijk fundament van culturele waarden, energiezekerheid en het duurzaam voortbestaan van onze aarde, Europese samenwerking en de antwoorden op de vergrijzing in onze samenleving.
Terecht benoemt mijn voormalige collega Ab Klink in CD Verkenningen de prestaties van het Wetenschappelijk Instituut voor het CDA. Ik daag het WI uit ook de komende jaren deze thema’s uit te werken met inhoud, durf en ideeën. Ook als we daar als kabinet misschien af en toe wat zenuwachtig over zouden kunnen worden.

C van het CDA
De C van het CDA betekent voor mij dat we meer zijn dan een politieke partij. En dat politiek meer is dan beleid: Politiek gaat ook over moraal, over beginselen en betrokkenheid bij mensen. Het CDA zou een maatschappelijke beweging moeten zijn, geworteld in vele duizenden verenigingen in sport, cultuur, religie en maatschappij. Met een eigen denktank met een voortdurende stroom van ideeën en oplossingen. Met kennis van de maatschappij. Meer een coöperatieve vereniging dan een BV. Meer samenleving dan Den Haag. We willen geen politiek bedrijven vanuit de waan van de dag, maar vanuit onze beginselen en onze betrokkenheid met de mensen.

Het CDA weet dit als geen ander. Het CDA weet wat het is om te regeren en wat het is om te moeten bouwen aan politiek profiel om er na een nederlaag weer bovenop te komen. In het verleden waren regeren en opbouw vaak twee verschillende periodes. Het opmerkelijke aan de huidige situatie is natuurlijk dat we zowel regeren en tegelijkertijd werken aan een opmars. Dat maakt het extra interessant en uitdagend; helemaal in een tijd waarin mensen gevoelig zijn voor populisme.

De echte prijs
Maar na meer dan 25 jaar in de politiek weet ik dat de populariteitsprijs, niet de prijs is waar je het voor doet. Als voormalig Europarlementariër en als voormalig minister van Buitenlandse Zaken noem ik een fors kritiekpunt richting Wilders en de PVV; en dat is dat de positie van Nederland in de wereld. De PVV wil het zogenaamde heartland creëren. En dat zou een Nederland moeten zijn met een hek er om heen. En zeker, de internationale vraagstukken zijn niet niks. Maar het is kansloos, negatief en een illusie om te denken dat een hek om Nederland alles oplost en dat we kunnen wegkruipen achter de dijken. We kunnen het ons niet veroorloven om alleen met ziekenhuis, straat en school bezig te zijn. Europa, Euro, een open economie, handel, een vrij verkeer van kapitaal en mensen zijn cruciaal! Juist voor ons als christendemocraten, die aan de wieg van de Europese samenwerking stonden. Samenwerking die heeft geleid tot vrede, stabiliteit en economische groei.

Ik leid regelmatig missies met Nederlandse ondernemers en een sterk Nederland is een Nederland dat gericht is op de wereld. Dat was in de Gouden Eeuw en dat is nu. En de makkelijke lokroep van de PVV naar kiezers om het buitenland af te schilderen als eng, gevaarlijk en profiterend is onjuist, kortzichtig en slecht voor onze economie en samenleving. Nederland wordt sterker door Europa en door in het buitenland samen met onze bondgenoten op te komen voor onze gedeelde waarden.

En natuurlijk is ‘Den Haag’ nodig. Niet als startpunt, niet als de maat der dingen, maar als sluitstuk. Omdat bepaalde zaken nu eenmaal politiek afgehecht moeten worden. Maar het primaat ligt in de samenleving. Het vertellen van een gefundeerd verhaal dat soms de publieke opinie trotseert, en het nemen van de verantwoordelijkheid die daarbij hoort, kan leiden tot verlies van populariteit. Het op afstand houden van populisme doet politieke pijn. Dat besef ik me als leider van het CDA-smaldeel in het kabinet terdege. Toch ben ik ervan overtuigd dat dit op den duur waardering zal oogsten. Juist in een tijd van onbehagen zoeken zwevende kiezers partijen met principes.

En dan is het zijn van een volkspartij het beste wapen tegen populisme.

Ik dank u voor uw aandacht.

1-10 of 103